Als pijn blijft aanslepen – waarom een voetklacht vaak meer is dan een voetklacht

Stel je voor: je loopt al maanden rond met een gezwollen, pijnlijke voet. In het begin denk je dat het vanzelf wel zal overgaan. Misschien een verkeerde stap gezet, een spierscheurtje, wat overbelasting. Maar de pijn bleef en werd een vervelende metgezel.

Dit soort verhalen komen vaker voor dan je denkt. Wat start als een lokale klacht ,een microtrauma of ontsteking  kan zich vastzetten in het lichaam. Ons immuunsysteem blijft “aan” staan en er ontstaat een soort laaggradige ontsteking. Dat is een stille vlam die niet meer vanzelf dooft.

 En die vlam beperkt zich niet tot de voet. Als barrières in darmen of huid openstaan, lekken er stoffen in ons bloed die het immuunsysteem extra prikkelen. Het brein, altijd waakzaam, gaat méér energie opeisen. Cortisol stijgt, barrières verzwakken, de lever geraakt overbelast. Voor je het weet is een lokale klacht uitgegroeid tot een systeemprobleem: pijn die chronisch wordt, vermoeidheid, slapeloosheid, zelfs angst of somberheid.

 Dat klinkt heftig, maar er zit ook een krachtige boodschap in: de sleutel ligt niet alleen in de voet, maar in het hele systeem.

 En precies dáár biedt KPNI en orthomoleculaire geneeskunde zoveel mogelijkheden:

  • Voeding en suppletie die ontstekingen dooft, met omega-3, antioxidanten en polyfenolen.

  • Beweging die gedoseerd wordt opgebouwd, zodat herstel weer geprikkeld wordt.

  • Stressregulatie en herwaarderen van emoties, zodat de geest meewerkt in plaats van tegenwerkt.

  • AMP-analyse die laat zien welke triggers actief zijn: voeding, stress, toxines of transgenerationele factoren.

Onlangs zag ik dit ook bij een cliënt: zonder dat ik als therapeut een medische diagnose stel, lieten haar bloedwaarden verhoogde ontstekingsactiviteit zien. Het CRP was verhoogd, er waren kleine vetbolletjes (cholesterol) die ontsteking in de hand werken, gecombineerd met hoge bloeddruk en een vergrote buikomvang. Dit illustreert hoe breed de samenhang is tussen lokale klachten en systemische belasting.

In zulke omstandigheden is het voor het lichaam bijna onmogelijk om een lokale ontsteking goed op te lossen, omdat het hele systeem in een toestand van laaggradige ontsteking verkeert. Pas wanneer het bredere ontstekingsproces wordt aangepakt, krijgt het lichaam opnieuw de kans om plaatselijk te herstellen.

 Het mooie is dat ons lichaam niet gebroken is,  het zoekt een uitweg. Als we de juiste signalen geven, kan die stille vlam weer uitdoven.

 Zo wordt een voetklacht ineens een spiegel: niet alleen van pijn en beperking, maar ook van de kracht die in ons lichaam zit om te herstellen als we het de juiste context geven.

 Een gezwollen voet die maanden aansleept is dus geen noodlot, maar een uitnodiging om breder te kijken. Naar voeding, naar beweging, naar stress, naar emoties en naar het hele verhaal achter de klacht.

 Voor meer uitleg ben je van harte welkom in mijn praktijk.

Wetenschappelijke studie:

“Foot pain and inflammatory markers: a cross sectional study in the Framingham Foot Study.”

 Siefkas AC et al., J Foot Ankle Res. 2022. PMID: (gegevens via PMC).

  • Bevinding: hogere ontstekingsmarkers zoals CRP en IL-6 zijn significant geassocieerd met voetpijn bij mannen én vrouwen, met name bij voor- en achtervoetklachten. Dit versterkt het verband tussen laaggradige systemische ontsteking (LGI) en chronische voetpijn.  BioMed Central

Intermittent living: sterker worden door variatie

Ons lichaam is niet gemaakt voor constante voorspelbaarheid. Evolutionair leefden we altijd met afwisseling: dag en nacht, zomer en winter, eten en vasten, warmte en kou, veiligheid en spanning. Juist die variatie maakte ons veerkrachtig. Vandaag leven we vooral in comfort: verwarming, overvloedig eten, kunstlicht en weinig beweging. Dat gemak verzwakt ons systeem.

Evolutie: overleven door schaarste en overvloed

Onze voorouders kenden periodes van honger en kou, maar ook overvloed en warmte. Het lichaam leerde zich steeds aanpassen. Die flexibiliteit maakte ons sterker en slimmer. Variatie was de motor van onze overleving.

Wat gebeurt er als we té comfortabel leven?

Ons lichaam heeft prikkels nodig om energie te maken, zonder die prikkels zakken we weg in vermoeidheid. Het immuunsysteem raakt ontregeld. Ontstekingen sluimeren en onze hersenen verliezen scherpte. We voelen het als vermoeidheid, stressklachten en een gevoel van leegte.

KPNI & orthomoleculair

De KPNI leert ons dat we die evolutionaire prikkels opnieuw kunnen gebruiken via intermittent living:

  • Vasten – niet voortdurend eten, maar periodes van rust voor het spijsverteringsstelsel.

  • Kou en warmte – een koude prikkel of sauna activeert herstelprocessen.

  • Beweging – variatie in intensiteit en duur versterkt spieren én hersenen.

  • Voeding – natuurlijke voeding rijk aan omega-3, vitaminen en mineralen ondersteunt je cellen bij deze prikkels.

Psychologische dimensie

Intermittent living vraagt een andere mindset. Comfort loslaten voelt ongemakkelijk, maar precies dat ongemak opent de deur naar groei. Elke keer dat je koud water over je polsen laat lopen, een maaltijd overslaat of een nieuwe sport probeert, train je niet alleen je lichaam maar ook je geest. Je ontwikkelt flexibiliteit, vertrouwen en mentale kracht.

 De kern

Gezondheid is niet het vermijden van stress, maar het leren omgaan met de juiste stress in de juiste dosis. Intermittent living geeft lichaam en geest de prikkels die nodig zijn om te bloeien.Door bewuste variatie bouw je energie, veerkracht en levenslust op, precies zoals de natuur het bedoeld heeft.

 Praktische tips om vandaag te starten

  • Begin zacht met kou: laat kort koud water over je polsen of gezicht lopen. Bouw later op naar 10 seconden koud afdouchen.

  • Plan eetpauzes: laat eens een tussendoortje weg of schuif je ontbijt een paar uur op.

  • Varieer je beweging: wissel een stevige wandeling af met korte krachtmomenten (squats, push-ups).

  • Zoek warmte: ga naar de sauna of neem een warm bad en ervaar het contrast met kou.

  • Oefen ongemak: kies voor de trap in plaats van de lift of laat de auto eens staan. Kleine keuzes trainen je veerkracht.

 

Voor meer uitleg ben je van harte welkom in mijn praktijk.

Link naar de wetenschappelijke studie

Hoe vrouwen hun cyclus slim kunnen inzetten bij vasten...

Vasten is wetenschappelijk bewezen heel gezond en natuurlijk, maar context is alles, zeker de context van man of vrouw zijn.

 Het maakt uit wie je bentwanneer je vast en hoe je lichaam erop reageert.

Waarom vasten gezond kan zijn

Vasten betekent: periodes zonder eten afwisselen met periodes wél eten (bv. 16:8 of 5:2). Het doet een aantal nuttige dingen in je lichaam: je insuline daalt (vetverbranding makkelijker), cellen starten herstelprocessen (autofagie), ontstekingswaarden kunnen zakken en je hersenen maken groeifactoren aan die concentratie ondersteunen. Ook krijgt je spijsvertering rust.

 Maar: niet iedereen reageert hetzelfde. Timing en persoonlijke situatie bepalen of vasten helpt of juist stress veroorzaakt.

 Waarom mannen en vrouwen anders reageren

Evolutionair ontwikkelde het vrouwenlichaam zich primair rondom voortplanting. Bij energiegebrek schakelt het sneller op “spaarstand” om vruchtbaarheid te beschermen dat kan leiden tot cyclusverstoring, minder oestrogeen/progesteron en verhoogde stressreacties. Mannen reageren doorgaans minder gevoelig op korte periodes van vasten en blijven vaker alert en energiek.

 Praktische richtlijnen voor vrouwen (cyclus-gericht)

  • Folliculaire fase (dag 1–14, menstruatie → eisprong): beste tijd om te vasten. Begin rustig (12 uur) en bouw op naar 14–16 uur als dat goed voelt.
    Praktisch voorbeeld: laatste maaltijd 18:00 — ontbijt 10:00 (16:8).

  • Luteale fase (dag 15–28, eisprong → menstruatie): wees terughoudend. Houd vasten kort (max. ~12 uur), eet volwaardige maaltijden en sla geen maaltijd over. Het lichaam vraagt nu meer energie; hongergevoel kan toenemen (+100–300 kcal).

  • Speciale situaties: bij PCOS, burn-out, slecht slapen of bijnieruitputting: vermijd streng vasten of overleg eerst met een specialist. In de overgang is 12–14 uur vaak haalbaar.

Voor mannen

Mannen verdragen vaak langere vastenperioden (16–20 uur) en af en toe een 24-uurs vast beter, mits ze goed slapen en weinig stress hebben. Ook hier geldt: stop bij signalen van overbelasting.

 Korte praktische regels

  • Luister naar je lichaam: duizelig, extreem moe of onregelmatig menstrueren = stop of pas aan.

  • Begin mild en bouw langzaam op.

  • Houd tijdens de luteale fase extra aandacht voor eiwitten, gezonde vetten en voldoende calorieën.

  • Bij twijfel: meet (cyclus, energieniveau, slaap) en overleg.

Conclusie

Vasten werkt  maar niet hetzelfde voor iedereen. Voor vrouwen is timing cruciaal: veilig en effectief in de eerste helft van de cyclus, terughoudend in de tweede. Voor mannen meestal eenvoudiger toepasbaar. De kunst is afstemming, niet wilskracht.

 Studies:

  •  Effecten van vasten op metabolisme en insulinegevoeligheid : “Intermittent fasting and health outcomes: an umbrella review” — overzicht van klinische effecten van IF op o.a. gewicht, glucose en insulinegevoeligheid. Goede samenvatting van bewijskracht  https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC10945168/
  • Vasten en ontsteking (CRP e.a.) — meta-analyse: “Effects of intermittent fasting diets on plasma inflammatory markers” — meta-analyse toont dat IF vaak CRP verlaagt bij overgewicht/obesitas, maar resultaten zijn niet uniform. Handig als bron voor de ontstekingsclaim.https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/32947129/

  • Autofagie en vasten — review: “The effect of fasting or calorie restriction on autophagy” (review) — samenvatting van het bewijs dat vasten/CR autofagie activeert; veel bewijs uit dierstudies, maar ook aanwijzingen bij mensen.https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/30172870/

  • Autofagie in lever en weefsels (recente data) : “Influence of intermittent fasting on autophagy in the liver” — laat zien dat IF lever-autofagie kan activeren (relevante mechanismen).  https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/37661370/

  • BDNF en vasten — review en nuance: “Targeting BDNF as potential strategy to optimise brain health” — bespreekt dat IF / calorierestrictie BDNF kan verhogen (evidence sterk in dieren; bij mensen variabel). Gebruikbaar voor de BDNF-claim maar met voorzichtigheid.https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/34929259/

  • Humane data over BDNF — tegenvoorbeeld/nuance: “Fasting for 20 h does not affect exercise-induced increases in BDNF” — laat zien dat één lange vastenperiode niet altijd BDNF in perifere bloedmonsters verandert bij mensen: nuance voor vertalingen van dier naar mens. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/36631068/

  • Vasten en reproductieve hormonen / vrouwen: “Effect of intermittent fasting on reproductive hormone and metabolic profile” — onderzoekt effecten van IF op androgenen en andere reproductieve markers; relevant voor verschillen mannen/vrouwen en PCOS-context. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC9182756/

  • Time-restricted eating en vrouwen — kleinere trials  “Effect of time restricted eating on sex hormone levels in healthy women” — trials tonen vaak weinig verandering in sleutelreproductiehormonen, maar populationen en timing verschillen; onderstreept dat meer onderzoek nodig is. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC9877115/

STOP IT – doorbreek oude patronen via hypnosetechnieken

We denken vaak dat we ons leven volledig bewust sturen. Maar wist je dat ons bewustzijn slechts 5% van ons gedrag bepaalt? De overige 95% komt uit ons onderbewustzijn, de stille kracht die diep van binnen alles mee bepaalt.

Bewustzijn en onderbewustzijn, onze hardware en software

Je kan het vergelijken met een computer:

  • Het bewustzijn is de hardware: het toestel dat zichtbaar en tastbaar is.

  • Het onderbewustzijn is de software: de programma’s die onzichtbaar maar onmisbaar bepalen hoe het systeem werkt. 

Onze “programma’s” ontstaan uit alle ervaringen die we meemaken. En net zoals software te herschrijven is, kunnen ook deze onbewuste programma’s worden bijgestuurd.

 Het continuüm van het leven

Doorheen ons leven loopt een rode draad van verwachtingen:

  • Als baby verlangen we veiligheid en zorg.

  • Als kleuter willen we spelend en onderzoekend de wereld ontdekken, in een veilige bedding.

  • Als puber zoeken we grenzen op en oefenen we met loslaten. 

Elke fase laat sporen na. Alles wat we meemaken vormt wie we zijn.

 Alles wordt opgeslagen

Ons lichaam vergeet niets. Elke emotie, elke spierspanning, elke geur, elke aanraking, ze worden vastgelegd alsof het rijen zijn in een Excel-bestand. Van een gewoon winkelmoment tot diepgaande stress of trauma: het staat allemaal bewaard in ons celgeheugen. 

En als we iets kunnen opslaan… dan kunnen we het ook herschrijven.

 Herprogrammeren van ons onderbewustzijn

Het onderbewustzijn herprogrammeren betekent oude patronen vervangen door nieuwe. Met behulp van modellen zoals het 5+2 componentenmodel van KPNI ontdekken we wat er nodig is om verandering in gang te zetten. Vervolgens kan dit nieuwe programma via hypnose in het onderbewustzijn worden ingevoerd.

 Hypnose als toegangspoort

Hypnosetherapie opent de deur naar het onderbewustzijn. Via diepe ontspanning schakelen de hersenen over van beta-golven (ons drukke denkbewustzijn) naar alpha- en theta-golven, de staat waarin we ontvankelijk zijn voor nieuwe suggesties. 

In die staat kunnen we vastgeroeste patronen herschrijven, oude emoties loslaten en nieuwe, helpende overtuigingen verankeren.

 De kracht van herhaling

Echte verandering komt door herhaling. Met technieken zoals zelfhypnose en eenvoudige oefeningen creëren we stap voor stap nieuwe verbindingen in de hersenen. Het oude Excel-bestand wordt overschreven. Zo kunnen destructieve gedachten, overtuigingen, tekorten van het innerlijk kind, gewoontes en zelfs verslavingen eindelijk stoppen. Het lichaam en de geest krijgen de boodschap: “STOP – het mag nu anders.”

 Als gediplomeerd hypnotherapeut begeleid ik je graag in mijn praktijk in dit proces. Samen werken we aan het herprogrammeren van jouw onderbewuste, zodat je opnieuw ruimte en vrijheid ervaart om te leven vanuit kracht, rust en gezondheid.

Wetenschappelijke studies op Pubmed: 

 

·  The efficacy of hypnosis as a treatment for anxiety: A meta-analysis.  https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/31251710/ PubMed

·  The effectiveness of hypnosis for pain relief: A systematic review and meta-analysis. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/30790634/ PubMed

·  Efficacy of individual and group hypnotherapy in irritable bowel syndrome: Randomized controlled non-inferiority trial. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/30473202/ PubMed

·  Results of a randomized controlled rater-blind clinical trial: Hypnotherapy vs. cognitive behavioral therapy for major depression. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/33725616/ PubMed

·  A Randomized Controlled Trial of Clinical Hypnosis as an Analgesic and Opioid-Sparing Treatment in Surgery. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/38196969/ PubMed

Waarom we naar zoet grijpen (en hoe je het patroon doorbreekt

Suikercravings betekenen niet dat je “zwak” bent.  Ze tonen dat je lichaam en brein precies doen waarvoor ze ontworpen zijn: snelle energie en onmiddellijke beloning zoeken wanneer stress, vermoeidheid of gewoontes daarom vragen. 

Waarom we dit überhaupt doen (evolutionair gezien)

Lang geleden was eten schaars en onvoorspelbaar. Wie snel zoete, energierijke dingen kon herkennen en er gretig naar greep, had meer kans om te overleven, zeker bij stress of gevaar. Ons brein heeft dat “zoek zoet = krijg energie = goed gevoel”-patroon stevig vastgelegd. In onze wereld vol overvloed en prikkels gaat dat oude systeem nog altijd af als een alarm: helemaal normaal, maar soms onhandig.

 Hoe dat in je lichaam werkt (simpel uitgelegd)

In je lichaam praten verschillende systemen met elkaar.

  •  Als je weinig slaapt of gespannen bent, stijgen hongersignalen (zoals ghreline) en dalen verzadigingssignalen (zoals leptine). Daardoor voelt zoet eten extra aantrekkelijk.
  • Suiker geeft bovendien een korte stijging van je bloedsuiker, wat je brein een prettig, bekrachtigend signaal geeft (dopamine: “goed gedaan, onthouden!”). Zakt die bloedsuiker daarna snel, dan vraagt je lichaam al gauw om “meer”.
  • Je darmen praten ook mee via hormonen die verzadiging en trek sturen (zoals GLP-1, PYY)
  • Slaap, stress en gewoontes beïnvloeden dat geheel. Het resultaat is een voorspelbare lus: prikkel → routine → beloning → nog meer zin.Dat is geen gebrek aan karakter, maar een logische biologische lus.
  • Ook je omgeving en emoties spelen mee. Je brein leert razendsnel welke prikkels aan zoet gekoppeld zijn: koffie in de namiddag, tv ’s avonds, scrollen op de bank, de geur van gebak. Zo ontstaat een automatische route: cue → routine → beloning.
  • Bij stress werkt suiker bovendien als korte demper; het geeft even rust. Precies die opluchting onthoudt je systeem en wil het herhalen. Dat verklaart waarom je soms “trek” voelt zonder echte honger. Een eenvoudige test is: Zou een kom soep of een omelet nu ook welkom zijn?
    • Ja? Dan is er waarschijnlijk fysieke honger.
    • Nee? Dan is het eerder een craving of behoefte aan troost/energiepiek.

De uitweg is niet harder vechten, maar slimmer organiseren. Begin bij stabiliteit:

  •  Ontbijt met eiwit en vezel dempt latere snackdrang: je bloedsuiker blijft rustiger en verzadigingshormonen doen beter hun werk.
  • Overdag: combineer koolhydraten met eiwit, vet en vezel en begin met groente of eiwit vóór het zetmeel; zo voorkom je scherpe pieken en dips.

  • Slaap is een krachtige knop: een regelmatig ritme van 7–9 uur tempert de drang naar snelle beloning.

  • Korte ontspanmomenten doorheen de dag, langzaam uitademen, even rekken, een kleine wandeling voorkomen dat spanning zich opstapelt tot een eetgolf.

 Wanneer een craving opkomt: een simpele noodrem

  •  Wacht 10 minuten, drink iets, adem rustig (bijv. 4 tellen in, 7 vasthouden, 8 uit) en beweeg even. Vaak zakt de golf al.
  • Leg vooraf een alternatief klaar dat bij je past: yoghurt met bessen, fruit met noten, twee blokjes pure chocolade met wat amandelen. Zo hoef je niet te onderhandelen met de snoepkast.

  • Dit is geen verbod, maar een verschuiving van reflex naar keuze. Je mag nog steeds genieten; maak het bewust en beperkt, zonder afleiding, in een kleine portie. Zo wordt zoet weer iets wat jij beslist, niet iets dat jou overkomt.

 Geef jezelf ondertussen een helder plan

  •  Kies één lastig moment en formuleer een als–dan“Als ik ’s avonds trek krijg bij de tv, dan zet ik thee, neem ik mijn gekozen snack, adem twee minuten rustig en wandel vijf minuten.” Hoe concreter en haalbaarder, hoe sneller je brein een nieuwe gewoonteroute aanlegt.
  • Evalueer wekelijks: wat werkte, waar liep je vast, welke kleine aanpassing helpt?

  • Zie misstappen niet als falen, maar als data. Juist die vriendelijke, onderzoekende houding maakt verandering duurzaam.

 Zo bouw je stap voor stap regie op drie niveaus:

  1.  Biologie (rustige bloedsuiker, voldoende slaap)
  2. Emoties (spanning reguleren zonder suiker)

  3. Gedrag (cues herprogrammeren met haalbare als dan-plannen)

 Het resultaat merk je niet alleen aan minder “paniek-trek”, maar ook aan stabielere energie, een helderder hoofd en meer ruimte om bewust te kiezen.

 Cravings verdwijnen niet magisch, maar ze veranderen van een dwingende golf in een kabbelend golfje waar jij soepel overheen surft.

Dat is geen streng dieet; dat is meesterschap over je eigen systeem.

 Studie

Subcategorieën